DBM-CD&V doet financieel en ruimtelijk haalbaar tegenvoorstel voor nieuwe sportinfrastructuur
Het schepencollege met schepen van Sport Kris Mintjens (OostWest) en burgemeester Sanne Van Looy (N-VA) stelde deze week de plannen voor een bovenlokaal sport- en cultuurpark voor. Een ingrijpend voorstel: maar liefst 10ha herbevestigd agrarisch gebied moet hiervoor plaatsmaken.
Als oppositiekartel steunt DBM-CD&V de zoektocht naar bijkomende sportinfrastructuur: “Het verbeteren van de sportvoorzieningen was voor ons een belangrijk verkiezingsthema. Toch zien wij geen toekomst in het voorstel van N-VA, OostWest en Progressief Malle.”
Miljoenenfactuur nog vóór de eerste steen
“Nog vóór één steen van de nieuwe sporthal wordt gelegd, leidt de aankoop van deze gronden en de bijhorende procedure tot een miljoenenfactuur”, aldus DBM-CD&V. “Wat voor schepen Kris Mintjens (OostWest) als een opportuniteit wordt voorgesteld, dreigt zo vooral een bijzonder dure rekening voor de Mallenaar te worden.”
De aankoop van de landbouwgronden kost de gemeente ongeveer 1,2 miljoen euro. Maar daarmee stopt de rekening niet. Om op deze gronden sport- en cultuurinfrastructuur mogelijk te maken, zijn ingrijpende bestemmingswijzigingen nodig. Bovendien moet elders woonuitbreidingsgebied worden omgezet naar landbouwgrond, waardoor eigenaars recht hebben op een aanzienlijke compensatie. Alleen al die compensaties worden op 13 miljoen euro geraamd. En dat alles nog vóór er ook maar sprake is van nieuwe sport- of cultuurinfrastructuur.
Geen visie op de ontwikkeling van de gronden
Opvallend is dat het schepencollege 10 hectare landbouwgrond wil aankopen zonder dat er een masterplan bestaat voor de toekomstige sport- en cultuurinfrastructuur. Nochtans hoort de logica omgekeerd te zijn: eerst bepalen welke noden er zijn, vervolgens bekijken welke infrastructuur daarvoor nodig is en pas daarna de benodigde ruimte voorzien.
Vandaag blijft het schepencollege alle pistes openhouden. Zo wordt zelfs een nieuwe evenementenweide genoemd, terwijl Malle al beschikt over een evenementenweide in De Renesse en gebruik kan maken van de weide aan het Kasteel van Westmalle. Het antwoord op een onbestaande nood mag geen argument zijn om bijkomende landbouwgrond aan te snijden.
Nog meer druk op open ruimte en landbouw
Malle is vandaag nog een plattelandsgemeente dankzij haar waardevolle open ruimte en actieve landbouw. De aanleg van een bovenlokale sport- en cultuursite tussen Oost- en Westmalle zet die open ruimte en de toekomst van de landbouw in Malle verder onder druk.
Bovendien dreigt tussen West- en Oostmalle een nieuwe dorpskern te ontstaan, met alle risico's op verdere verstedelijking van dien. DBM-CD&V gelooft dat cultuur en gemeenschapsleven thuishoren in de bestaande dorpskernen: dicht bij de Mallenaren en vlot bereikbaar. Vanuit de dorpskernen is het ook een kleine stap om na een activiteit of vergadering de lokale horeca te steunen.
Financieel en ruimtelijk haalbaar tegenvoorstel
DBM-CD&V kiest voor een financieel en ruimtelijk verantwoord alternatief. In plaats van alle sportinfrastructuur op één nieuwe locatie te concentreren, worden bestaande sites versterkt en wordt maximaal samengewerkt met lokale partners. Zo wordt de bestaande ruimte optimaal benut en komt er minder verharding bij.
Concreet kiest DBM-CD&V voor een renovatie van de sporthal in de Berckhovenstraat, zodat die opnieuw beantwoordt aan de huidige noden. Daarnaast kan op de site Hooyberg bijkomende sportinfrastructuur worden ontwikkeld. Ten slotte wil het kartel inzetten op samenwerking met partners uit eigen gemeente, zoals Mariagaarde secundair, waar multifunctionele sportvoorzieningen zowel door de school als door verenigingen kunnen worden gebruikt.
“Malle heeft nood aan extra sportinfrastructuur, maar niet ten koste van haar open ruimte en landbouw. Met ons voorstel investeren we gericht waar de noden zich bevinden, zonder miljoenen euro's uit te geven aan een project waarvan de meerwaarde vandaag onvoldoende is aangetoond”, besluit DBM-CD&V.